Geschiedenis van molen De Korenhalm

Deze molen heeft een voorganger gehad; die brandde in 1873 af; overigens stond deze molen niet op dezelfde plaats, maar 50 meter verder, op een berg. De plek is nog steeds herkenbaar in het landschap. De Rooms Katholieke kerk van Kwadendamme gaf vervolgens aan Z. Verhage grond voor 60 gulden per jaar in erfpacht om de huidige molen te bouwen. De nieuwe molen was in 1876 klaar. 

In 1888 werd de molen verkocht, evenals in 1914 en 1927, toen H. Dijkman uit Elkerzee eigenaar werd. Deze deed de molen twee jaar later over aan W. Snoep Pzn. uit Goes, wiens zoon, Piet Snoep, in 1960 de molen erfde. Voor meer informatie over het molenaarsgeslacht familie Snoep, zie het kader hieronder.

De molenromp is tot boven de stelling cilindrisch van vorm en opgebouwd uit gele, rode en blauwe baksteen. Aan de noordzijde is een garage aangebouwd en aan de zuidzijde een schuur waarin voorheen een koppel 16der kunst- en blauwe stenen werden aangedreven door een 40 PK elektromotor. Vroeger maalde Piet Snoep regelmatig veevoer op motorkracht.

Het moleninterieur is nog vrijwel authentiek met als maalinrichting een buil, pletter en hijsinrichting (luiwerk). Op de steenzolder bevinden zich twee maalkoppels, waaronder een koppel met blauwe stenen. De meng- en graanschoningsmachine zijn inmiddels verwijderd.
Opmerkelijk is dat de vulstukken tot de penbalk om de gietijzeren bovenas zitten en dat de staartbalk een oude houten scheepsmast is.

De Korenhalm kan met recht een zeer zware stellingmolen genoemd worden. De stelling van de molen bevindt zich op 9.5 meter hoogte. De roeden zijn ca. 23.50 meter lang. Vrijwel alles aan de molen is groot, ruim en zwaar uitgevoerd. 

Molenaarsgeslacht Snoep

 

De familie Snoep heeft vele jaren lang de molen in bedrijf gehad en altijd keurig onderhouden. Menige ‘s-Gravenpoldenaar kent / kende Piet Snoep (zie foto hiernaast), die op de molen is opgegroeid en ermee was vergroeid. Piet kwam uit een oud molenaarsgeslacht. Zijn vader Willem was een van de vijf zonen van Piet uit Colijnsplaat die molenaar werden. Een generatie eerder waren er ook al een Willem en een Ko molenaar in Kortgene, Colijnsplaat en Arnemuiden. De vijf zonen waren Adriaan in Colijnsplaat, Ko in Kortgene, Willem in ’s-Gravenpolder, Marinus in Groede en Piet in Nieuwvliet.

Willem, de vader van Piet, werkte na zijn tijd bij vader in Colijnsplaat een tijd bij Graanhandel Duvekot in Goes. Daar kwam Dijkman, de toenmalige molenaar van ‘s-Gravenpolder wel eens, en zo kwam Willem aan de weet dat ‘De Korenhalm’ te koop kwam. Willem zag in 1929 kans de molen te kopen. Een zwaar gebouwde, breed gefundeerde molen met dikke muren en kurkdroog metselwerk. De molen stond goed te wind, behalve uit het oosten waar hoge singels de wind wat wegnamen. Dat is nog steeds het geval. Willem had singels die vroeger in de belangrijke westhoek op de Korenhalmdijk stonden drastisch aangepakt: hij had de dijk gekocht en zodoende afgedwongen dat er geen bomen mochten komen.

Er werd door Willem en zijn zoon Piet hard en zorgvuldig gewerkt en de zaken gingen goed. Vooral tussen 1935 en 1945 was De Korenhalm een van de best beklante molens in de regio, ze draaiden met twee man ongeveer 5 ton per week en daar hadden ze volop werk aan. In die tijd heeft de molen heel veel gemalen, bij een regelmatige zuidwestenwind wel met twee koppels tegelijk. Er waren dagen van half vijf ‘s morgens tot tien uur ’s avonds zonder dat de molen had stilgestaan. Normaal waren het dagen van half zeven tot zes, zes dagen per week, en zaterdagsavonds steen scherpen. In geval van windstilte was er de motor waar ook twee koppels stenen aanlagen.

In de oorlog liepen overdag Duitse controleurs bij de molen. Als je buiten hen om wilde malen moest dat ‘s nachts clandestien gebeuren. Bij wind zagen Willem en zoon Piet het bed bijna niet. Het was zoeken naar de noodzakelijke tijd om de stenen te scherpen. In 1960 erfde Piet de molen. Piet was een bijzonder nette molenaar: hij liep altijd met een handstoffer rond. Volgens collega De Visser uit Wolphaartsdijk was de molen zo schoon dat je “wel met je zondagse jas aan over de vloeren kon rollen.”  Piet leerde graag en met regelmaat jonge molenaars de kunst van het stenen scherpen  en het molenaarsvak zoals o.a. Teun van der Bok, Rolf Wassens. John van Ham, Piet van Willigen . Piet stond ervoor bekend dat hij tijdig en zeer nauwkeurig zijn stenen scherpte.

Eind jaren ‘70 liep het werk langzaam terug, maar Piet was er trots op dat hij toch tot zijn AOW-leeftijd molenaar kon blijven — menige molenaar in de omgeving moest eerder stoppen. Dat had hij ook wel te danken aan zijn vrouw Tona, die zakelijker was ingesteld. Later verhuisden Piet en Tona naar het dorp, terwijl dochter Dianne met haar man René nog lange tijd voor de molen zorgden en een leuke meelwinkel runden. Er werd toen gemalen door molenaar Toon Hendrikx uit Etten-Leur. Zo bleef er toch bedrijvigheid op de molen. In 2024 werd de molen overgenomen door Jan Hendrik Guiljam, zodat de bedrijvigheid gelukkig wordt gecontinueerd.

Met dank aan Rolf Wassens

De molen telt zes verdiepingen, waardoor er veel opslagruimte is. Vrijwel alles aan de molen is groot, ruim en zwaar uitgevoerd. De molenomgeving is zeer gunstig om te malen: de molen is hoog en er is nauwelijks windbelemmering vanwege bijvoorbeeld bomen of gebouwen. Het uitzicht is schitterend: een wijds zicht over natuurgebied De Zwake en de Westerschelde richting Antwerpen en op het dorp ‘s-Gravenpolder en de skyline van Goes. 

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd in de molen meel gemalen in opdracht van de Duitse bezetter. Regelmatig waren er Duitsers op de molen te vinden. Bij de bevrijding in 1944 kwam de molen in de vuurlinie te liggen en raakte hij zwaar beschadigd. Op de molen zijn diverse herinneringen aan de oorlogstijd aanwezig. Zo zijn er nog gaten in de muur te vinden en ontstonden groeven in de hals van de as, toen die geraakt werd door scherven. 

De Korenhalm is tot de dag van vandaag volop in bedrijf. Er wordt wekelijks meel gemalen voor de molenwinkel. Vrijwel elk weekend draaien de wieken. 

De molen wil er zijn voor het dorp: bij bijzondere gelegenheden wordt de molen versierd of de wieken in de rouwstand of de vreugdestand gezet. Jaarlijks bezoeken schoolklassen de molen. 

Wil je de molen steunen?

Maak dan een gift over of word donateur.